We sneden het bovenste deel van een wijnfles af en maakte er een kaars van

Gietkaarsen maken: zo maak je eenvoudig je eigen kaarsen thuis

DIY

In de herfst en winter, wanneer de dagen korter worden en het ’s avonds vroeg donker is, steken we graag kaarsen aan in huis. Het zachte, flakkerende licht geeft meteen een gevoel van rust en gezelligheid. Voor mij horen kaarsen echt bij de koudere seizoenen: ze maken donkere avonden warm en huiselijk.

Zelf kaarsen maken is iets wat ik al jaren doe, en het is telkens weer een moment waar ik naar uitkijk. Eén namiddag per seizoen maak ik een hele reeks kaarsen. Soms voor mezelf, soms om cadeau te geven. De kinderen vinden het ook heerlijk om mee te kijken en te helpen waar ze kunnen. Vooral het voorbereiden van de pit vinden ze leuk en het is een werkje dat ze al snel zelfstandig kunnen doen — zeker als je met een houten pit werkt.

Ik maak bijna altijd gietkaarsen, en die zijn verrassend eenvoudig om te maken. Je hebt geen ingewikkelde mallen nodig en je kunt alle kanten uit qua stijl, geur en kleur.


Welke potjes zijn geschikt om kaarsen te maken?

Voor gietkaarsen kun je heel veel verschillende potjes gebruiken. Zelf gebruik ik graag glazen potjes, omdat die veilig zijn en mooi laten zien hoe de kaars opbrandt.

Ik hergebruik onder andere:

  • Oude glaasjes waar vroeger theelichtjes in zaten
  • Jampotten en confituurpotten
  • Wijnflessen waarvan ik met een glassnijder de bovenkant afhaal

Het hergebruiken van potjes vind ik niet alleen duurzaam, maar ook leuker dan altijd nieuwe containers kopen. Elk potje is anders en dat maakt je kaarsen uniek. Loop ook eens de kringwinkel binnen, daar kan je soms echt leuke dingen vinden!

Gekleurd glas geeft ook een heel mooi effect. In de herfst gebruik ik graag bruine en oranje tinten, omdat die zo warm en gezellig aanvoelen. In de winter vind ik blauwe potjes prachtig — ze hebben iets rustgevends. En zodra de lente in zicht komt, zijn pastelkleuren weer heel mooi en fris.


Was kiezen

Parafine versus plantaardige was

Bij kaarsen maken kun je kiezen uit verschillende soorten was. De twee meest gebruikte zijn paraffinewas en plantaardige was.

Paraffinewas is de klassieke kaarsenwas. Ze is goedkoop, makkelijk verkrijgbaar en eenvoudig om mee te werken. Ze smelt mooi egaal en geeft een sterke geurafgifte wanneer je geurstoffen gebruikt. De nadelen van paraffine zijn dat het gemaakt is van aardolie en dat ze meer vervuilende deeltjes uitstoten bij het opbranden.

Plantaardige was, zoals sojawas of koolzaadwas, wordt gemaakt van plantaardige oliën. Dit type was is populairder geworden omdat het een hernieuwbare grondstof is en meestal roet minder. Ik werk zelf graag met sojawas voor potkaarsen, omdat ze mooi rustig brandt en minder heet wordt dan paraffine. Deze was is wel iets duurder dan parafine.

Beide soorten hebben hun plek. Dus kies gewoon wat jij leuk of belangrijk vindt. De procedure voor het maken van gietkaarsen is voor beide soorten was gelijkaardig.


Kleur toevoegen aan je kaarsen

Wanneer ik kaarsen maak in gekleurde glazen potjes, voeg ik meestal geen extra kleurstof toe aan de was. Je ziet de kleur van de was dan toch nauwelijks, omdat het glas al voor sfeer zorgt.

In kleurloze containers, zoals jampotten, kan het juist mooi zijn om de was wat kleur te geven.

In hobbywinkels en online webshops vind je speciale kleurstoffen voor kaarsen. Dit zijn vaak kleine blokjes of schilfers met een heel geconcentreerde kleur. Let goed op bij het kiezen: de kleur van zo’n blokje lijkt vaak helemaal niet op het uiteindelijke resultaat.

Ik heb bijvoorbeeld een kleur ‘Ocean Blue’ die bijna zwart lijkt, en een zachte ‘Spearmint’ die felgroen oogt in vaste vorm. Gelukkig staat er op de verpakking vaak een afbeelding van het resultaat in gesmolten was. Zodra het kleurblokje oplost in de was, verandert de kleur naar wat je verwacht.

Je kunt de intensiteit van de kleur makkelijk aanpassen door meer of minder kleurstof te gebruiken. Begin liever met een klein beetje — je kunt altijd bij kleuren.

Je hoeft trouwens niet per se speciale kleurblokjes te kopen. Je kunt ook een klein stukje wasco- of pastelkrijt gebruiken om de was een zachte tint te geven. Dat werkt verrassend goed voor lichte pastelkleuren.


Geur toevoegen aan kaarsen: etherische olie of geurolie?

Kaarsen worden extra gezellig wanneer ze zacht geur afgeven. Je kunt hiervoor kiezen tussen etherische oliën en fragrance oils (geuroliën).

Etherische oliën zijn natuurlijke oliën die uit planten worden gewonnen, zoals lavendel, sinaasappel of eucalyptus. Ze hebben een meer subtiele geur en zijn vaak iets duurder. Niet alle etherische oliën zijn geschikt om te verhitten, dus het is belangrijk om dit vooraf te controleren. Etherische oliën zijn heel gevoelig voor hitte zorg dus dat de wat al genoeg is afgekoeld, maar nog niet gestold, voor je ze toevoegt.

Fragrance oils zijn speciaal ontwikkeld voor kaarsen en behouden hun geur beter wanneer ze worden verhit. Ze geven vaak een sterkere en langdurigere geur af.

Het beste moment om geur toe te voegen is wanneer de was gesmolten is, maar niet meer extreem heet. Te hete was kan ervoor zorgen dat de geur verdampt voordat de kaars is uitgehard. Wanneer ik geurkaarsen maak gebruik ik ongeveer 5 tot 10% geurstof ten opzichte van het gewicht van de was, afhankelijk van hoe sterk ik de geur wil.

Meestal maak ik echter wax melts om geuren in huis te verspreiden. Voor wax melts heb je veel minder etherische olie of geurolie nodig om een vergelijkbaar geurresultaat te krijgen. Zeker bij etherische oliën is dit een groot voordeel, omdat de geur wordt verspreid via een aromabrander die op een lagere temperatuur werkt dan een kaars. Lees dan hier verder over het maken van wax melts met etherische oliën voor een aangenaam aroma in huis.


Een pit (lont/wiek) kiezen

Een pit, ook wel lont of wiek genoemd, is essentieel voor je kaars. De pit zuigt de gesmolten was op en houdt het vlammetje brandend. Er bestaan verschillende soorten pitten, maar de meest gebruikte zijn:

  • Katoenen pitten (met of zonder papieren kern)
  • Houten pitten

Bij het kiezen van een pit moet je altijd rekening houden met de diameter van je potje. Een klein potje van ongeveer 4 cm doorsnede heeft een dunnere pit nodig dan een grote pot van 10 cm. Een te dunne pit kan tunneling veroorzaken (daar kom ik later nog op terug), terwijl een te dikke pit kan zorgen voor rook en roet.


Voor- en nadelen van een katoenen pit

Voordelen:

  • Makkelijk verkrijgbaar
  • Geschikt voor veel soorten was
  • Brandt stabiel en betrouwbaar

Nadelen:

  • Moet meestal vastgezet worden bij het gieten
  • Minder ‘sfeervol’ dan houten pitten
  • Moet vaker getrimd worden

Let er bij het kopen van een katoenen pit op dat deze is voorgewaxt is. Dit maakt het kaarsen maken een stuk makkelijker.


Voor- en nadelen van een houten pit

Ik werk zelf het liefst met houten pitten. Ze zijn makkelijk te plaatsen, vooral in combinatie met een metalen houdertje onderaan. En ze geven een extra gezellige sfeer.

Voordelen:

  • Ze maken een zacht knetterend geluid tijdens het branden, net als een haardvuurtje
  • Ze zijn makkelijker recht te zetten in het potje
  • Ze zien er mooi en strak uit

Nadelen:

  • Ze zijn gevoeliger voor tunneling
  • Ze hebben iets meer aandacht nodig bij het eerste branden
  • Ze werken het best in bepaalde soorten was (zoals sojawas)

Voor mij weegt de gezelligheid van het knetterende geluid ruim op tegen de nadelen.


Wat heb je nodig? (Ingrediënten en materialen)

Voor gietkaarsen heb je niet veel nodig:

  • Was (soja, koolzaad of paraffine)
  • Potjes of glazen containers
  • Pitten (hout of katoen)
  • Eventueel kleurstof of wasco
  • Eventueel geurolie
  • Een oude pan en een hittebestendige maatbeker (au bain-marie)
  • Een houten satéprikker of potlood om de pit op zijn plaats te houden

Gietkaarsen maken: stap voor stap

1. Was laten smelten

Smelt de was au bain-marie. Dat betekent dat je een pan met water op het vuur zet en daarin een hittebestendige maatbeker of kom plaatst met de was. Zo smelt de was rustig zonder te verbranden.

Laat de was langzaam smelten en roer af en toe voorzichtig.

2. Kleur toevoegen (optioneel)

Als de was volledig gesmolten is, kun je kleur toevoegen. Voeg een klein stukje kleurblokje of wasco toe en roer goed tot alles volledig is opgelost.

Om te kijken welke kleur het uiteindelijk gaat worden, neem je er best een wit bordje bij. Laat er een druppeltje was op vallen en laat het stollen. De kleur van de gestolde druppel wordt de uiteindelijke kleur van de wax melt. Wil je een fellere kleur, doe er dan wat meer kleurstof in, wil je het lichter, voeg dan wat extra was toe.

3. De pit plaatsen

Zorg er eerst en vooral voor dat je de juiste maat van pit hebt voor je glazen potje. Daarover kan je hierboven meer lezen.

Plaats de pit in het midden van je potje. Je kunt de pit onderaan vastzetten met een beetje gesmolten was of met een metalen voetje. Er zijn ook speciale stickers verkrijgbaar om het voetje aan de onderkant van je potje vast te kleven. Ze zijn achteraf wel moeilijk los te krijgen, maar bij het maken van de kaarsen is het echt wel handig.

Gebruik een houten satéprikker of potlood bovenaan het potje om de pit mooi recht in het midden te houden terwijl de was stolt. Dit is vooral belangrijk bij katoenen pitten. Een houten pit blijft bij het juiste voetje en een sticker onderaan heel goed recht.

Dit is een ideaal klusje voor kinderen om mee te helpen (onder toezicht).

4. De was gieten

Giet de gesmolten was voorzichtig in het potje. Laat aan de bovenkant een klein randje vrij.

Klop het potje zachtjes op tafel om eventuele luchtbelletjes te verwijderen.

5. Laten stollen

Laat de kaars rustig afkoelen en uitharden. Dit duurt meestal enkele uren. Verplaats de kaars in deze fase liever niet.

6. De pit trimmen

Wanneer de kaars volledig is uitgehard, kun je de pit afknippen tot ongeveer 5 millimeter.


Potjes versieren

Als je wil, kun je de potjes extra mooi maken door ze te versieren.

Enkele eenvoudige ideeën:

  • Washitape rondom het potje
  • Een stukje lint of koord rond de hals van het potje
  • Gedroogde sinaasappelschijfjes of takjes rozemarijn eraan vastbinden

Ben je creatiever, dan kun je aan de slag met glasverf om patronen of kleine tekeningen op het potje te maken.

Deze zelfgemaakte kaarsen goot ik in eenvoudige glazen bokalen. Met wat leuke washitape zijn ze helemaal mee met het seizoen!

Hoe lang moet een kaars uitharden voor het eerste gebruik?

Wanneer je een kaars net gegoten hebt, is het een goed idee om haar even te laten “rusten” voor je ze aansteekt. Dit heet ook wel het curen of rijpen van de kaars.

Sojawas heeft meestal 24 tot 48 uur nodig om helemaal stabiel te worden. Voor geurkaarsen geldt: hoe langer je wacht (tot een paar dagen), hoe beter de geur zich kan ontwikkelen.

Na deze rusttijd brandt de kaars mooier en gelijkmatiger en heb je minder kans op tunneling. Hieronder kan je meer lezen over de verschillende oorzaken van tunneling en hoe je het kan verhelpen en voorkomen.


Veelgemaakte fouten bij het maken van gietkaarsen

Iedereen maakt ze – zeker in het begin. Dit zijn een paar veelgemaakte foutjes:

Als je de was te heet in het potje giet, kan de bovenkant later krimpen of kleine gaatjes vertonen. Dat kun je vermijden door de was even te laten afkoelen voor je giet.

Een andere fout is dat de pit niet mooi in het midden staat. Daardoor brandt de kaars scheef op en kan ze sneller gaan roken of tunnelen.

Te veel kleurstof toevoegen lijkt aantrekkelijk voor een intensere kleur, maar kan de verbranding verstoren. Een beetje kleur is vaak al voldoende.

Ook te snel laten afkoelen kan problemen geven. Zet kaarsen bijvoorbeeld niet in een koude ruimte of op een tochtige plek tijdens het uitharden.


Tunneling: wat is het en hoe voorkom je het?

Wat is tunneling?

Tunneling is een veelvoorkomend probleem bij kaarsen: de kaars brandt alleen in het midden op, terwijl de randen blijven staan. Zo ontstaat er een soort tunnel in het midden van de kaars.

Oorzaken van tunneling

  • Een te dunne pit voor de diameter van je potje
  • De kaars telkens maar kort aansteken
  • Houten pitten zijn iets gevoeliger voor tunneling

Hoe kun je tunneling oplossen?

Als de pit te dun is, kun je dat voor deze kaars niet meer oplossen, maar kun je de volgende keer een dikkere pit kiezen.

Je kunt wel proberen om tunneling bij een bestaande kaars te verhelpen door de kaars langer te laten branden. Steek de kaars aan en laat haar enkele uren branden, zodat de bovenste laag was helemaal tot aan de randen smelt.

Bij houten pitten is het aan te raden om de kaars altijd minstens twee uur te laten branden per keer. Zo voorkom je dat er een tunnel ontstaat.


Kaarsen maken met restjes was

Wist je dat je restjes was van oude kaarsen kun je perfect opnieuw gebruiken? Ook wax melts die geen geur meer afgeven kan je prima hersmelten om er een leuke kaars mee te maken

Meng de gesmolten was eventueel met een beetje nieuwe, en giet opnieuw in een potje. Ook verschillende kleuren was kunnen samen een mooi gemarmerd effect geven. Let wel op met sterke geuren. Verschillende geuren samen zouden wel eens niet zo fris kunnen uitdraaien.

Oude potjes kan je makkelijk schoonmaken door ze even in warm water te zetten, de restjes was te verwijderen en ze daarna opnieuw te gebruiken. Zo maak je niet alleen mooie kaarsen, maar werk je ook duurzaam en verspilling tegen.


FAQ – Veelgestelde vragen over kaarsen maken

Waarom rookt mijn kaars?
Een kaars rookt meestal doordat de pit te lang is of te dik voor het potje. Knip de pit korter en zorg dat hij mooi recht staat.

Waarom gaat mijn pit soms vanzelf uit?
Dat gebeurt vaak wanneer de pit te laag in de was komt te staan of wanneer er te weinig zuurstof bij de vlam kan. Het kan ook betekenen dat de pit te dun is.

Kan ik restjes van verschillende kaarsen mengen?
Ja, dat kan perfect. Let wel op dat je geen sterk geurende restjes mengt met heel subtiele geuren, want dat kan een vreemde combinatie geven.


Een rustig en creatief moment

Kaarsen maken is niet alleen een nuttige bezigheid, maar vooral ook een leuk moment om creatief bezig te zijn. Op enkele uren tijd kan je een hele voorraad maken die je dan achteraf nog leuk kan versieren.
Zelfgemaakte kaarsen zijn niet alleen fijn voor jezelf, maar ook prachtig om cadeau te doen.

Bewaar voor later:

Een brandende gietkaars in een glas met een afbeelding van een tram, verlicht door een warm, flonkerend licht in een sfeervolle setting.

Vind meer ideeën op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Chocolade op een Stokje Maken

Zelf chocolade op een stokje maken is eenvoudig en leuk. Perfect voor romige chocolademelk, als dessert of om cadeau te geven tijdens de feestdagen. Met tips voor chocolade, vormen en smaakvariaties.

Wax Melts Maken met Etherische Oliën: Tips, Tricks & Recepten

Maak je eigen natuurlijke wax melts met plantaardige was en etherische oliën! In deze stap-voor-stap gids lees je hoe je heerlijke geuren combineert, welke was je kiest, hoe je veilig werkt met oliën en hoe je problemen zoals zwetende wax melts voorkomt. Ontdek ook leuke seizoensgeuren én tips om je wax melts perfect uit de…

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.

Wax Melts Maken met Etherische Oliën: Tips, Tricks & Recepten

DIY

Geuren hebben een opmerkelijke invloed op onze gemoedstoestand en helpen om een gezellige sfeer in huis te creëren. Wanneer je kiest voor etherische oliën, kies je niet alleen voor natuurlijke geuren, maar ook voor extra voordelen voor lichaam en geest.

Zo tonen verschillende wetenschappelijke studies aan dat etherische oliën stress verlagen, de stemming verbeteren en zelfs een positief effect hebben op depressieve klachten (Kerr et al., 2021). Wax melts zijn een ideale manier om deze geuren op een veilige, zachte en langdurige manier te verspreiden.

In deze gids lees je alles over het maken van natuurlijke wax melts, welke was je het best gebruikt, hoe je etherische oliën doseert, én hoe je de mooiste resultaten krijgt — zelfs als beginner.


Wat zijn wax melts?

Wax melts zijn kleine geurblokjes die je laat smelten in een aromabrander met een waxinelichtje. De warmte zorgt ervoor dat de was smelt, waardoor de geur langzaam vrijkomt.
In tegenstelling tot kaarsen branden wax melts niet zelf — alleen de geur verspreidt zich.


Waarom zelf wax melts maken?

Zelf wax melts maken heeft veel voordelen:

  • Je bepaalt helemaal welke geuren je gebruikt
  • Je gebruikt natuurlijke ingrediënten, zonder synthetische parfums
  • Ze zijn veel goedkoper dan de blokjes uit de winkel
  • Je maakt makkelijk een voorraad verschillende geuren
  • Het is een ontspannend en creatief project
  • Je kan ze perfect cadeau doen

Daarnaast komen de geuren traag en gelijkmatig vrij, waardoor je vaak meerdere dagen of sessies plezier hebt van één wax melt.


Welke was gebruik je best?

Hoewel je wax melts van paraffine kan maken, kies ik altijd voor plantaardige was. Die heeft duidelijke voordelen:

Waarom plantaardige was (sojawas, koolzaadwas, palmwas)?

Natuurlijk en duurzaam
Biologisch afbreekbaar
Vegan (in tegenstelling tot bijenwas)
Minder schadelijke stoffen in vergelijking met paraffine
Lagere smelttemperatuur, waardoor etherische oliën beter behouden blijven
Betere geurverspreiding dan paraffine

Zelf gebruik ik meestal sojawas omdat ik die ook in huis heb om kaarsen mee te maken, maar koolzaadwas is minstens even goed — en vaak lokaal geproduceerd.


Etherische oliën gebruiken: werking en voordelen

Etherische oliën worden al eeuwen ingezet voor hun positieve effecten op lichaam en geest. Moderne klinische studies en wetenschappelijk onderzoek bevestigen hun kalmerende, stimulerende of zelfs antidepressieve werking (Lizarraga-Valderrama, 2020).

Voorbeeld: lavendel

Lavendel staat bekend om zijn ontspannende werking. Onderzoek toont aan dat het stress, angst en slapeloosheid helpt verminderen — zelfs op werkvloeren wordt lavendel ingezet met een merkbare daling in burn-outklachten (Casey, 2023).

Hoeveel druppels gebruik je?

Voor wax melts volstaat doorgaans 6 tot 10 druppels per blokje, afhankelijk van:

  • de soort olie
  • de gewenste intensiteit
  • hoe sterk (of zacht) je een geur wilt

Populaire combinaties & hoeveelheden

Eucalyptus – energie & concentratie
6 druppels per wax melt
Helpt bij vermoeidheid, lage energie en concentratieproblemen.

Lavendel – rust & ontspanning
10 druppels per wax melt
Werkt kalmerend, stressverlagend, helpt bij angst en slapeloosheid.

Den & munt – frisse oppepper
6 druppels den + 3 druppels munt
Positief effect op het zenuwstelsel, goed bij fysieke en mentale moeheid.

Ylang-ylang – anti-stress & sensualiteit
6 druppels per wax melt
Helpt bij nervositeit, slecht slapen en ondersteunt het libido.

Heb je hevige of aanhoudende klachten, raadpleeg dan altijd je huisarts. Natuurlijke remedies kunnen ondersteunend werken, maar vervangen geen professioneel medisch advies.

Veiligheidstips bij het werken met etherische oliën

Etherische oliën zijn krachtige, geconcentreerde stoffen die met zorg gebruikt moeten worden. Ze zijn volledig natuurlijk, maar dat betekent niet dat ze altijd onschadelijk zijn. Met deze tips werk je veilig én haal je het meeste uit je wax melts:

  • Werk in een goed verluchte ruimte
    Etherische oliën verdampen snel. Een open raam of ventilatie is voldoende.
  • Doseer niet te hoog
    Meer druppels betekent niet automatisch meer geur. Te hoge doseringen kunnen hoofdpijn, misselijkheid of irritatie veroorzaken.
    Aanbevolen: 6–10 druppels per wax melt.
  • Vermijd contact met huid en ogen
    De meeste etherische oliën zijn irriterend op de huid, zeker in pure vorm. Draag eventueel handschoenen.
  • Let extra op tijdens zwangerschap
    Sommige oliën (zoals salie, rozemarijn en kaneel) worden afgeraden tijdens de zwangerschap. Bij twijfel: even opzoeken of vermijden.
  • Geen etherische olie in de was pan
    Altijd in de vorm toevoegen — niet in de gesmolten was zelf. Dit voorkomt overheveling, verbranding of vervluchtiging van de olie.

Synthetische geuren als alternatief

Naast etherische oliën kan je ook kiezen voor synthetische geurstoffen wanneer je wax melts maakt. Deze geuren worden in een laboratorium samengesteld en zijn speciaal ontwikkeld om langdurig, stabiel en duidelijk aanwezig te zijn in wasproducten zoals wax melts en kaarsen.

Een belangrijk voordeel van synthetische geuren is dat ze vaak voormengingen zijn: kant-en-klare geurcombinaties die perfect in balans zijn. Je vindt ze in talloze thema’s zoals:

  • Kerst & wintergeuren
  • Lente- en bloesemgeuren
  • Wellness & spa
  • Ocean breeze
  • Vanille, koekjes, chocolade
  • Tropische combinaties

Met synthetische geuren ben je er vrijwel zeker van dat je wax melts altijd hetzelfde ruiken, omdat de samenstelling volledig gecontroleerd is — ideaal als je graag seizoensgeuren maakt of consistentie wil in je batches.

Hoewel synthetische geuren soms sterk lijken op natuurlijke varianten (zoals lavendel of citroengras), bevatten ze niet dezelfde organische verbindingen die etherische oliën hun therapeutische werking geven. Dat betekent dat synthetische lavendel bijvoorbeeld wél naar lavendel ruikt, maar geen ontspannende of kalmerende werking heeft zoals echte lavendelolie dat wel kan bieden.

Toch blijven synthetische geuren een uitstekende optie voor wie vooral wil genieten van een sterke, langdurige en thematische geur in huis — zonder dat aromatherapeutische voordelen noodzakelijk zijn.


Seizoenscombinaties voor wax melts

Wil je wax melts maken die perfect passen bij een seizoen of feestdag? Deze combos doen het altijd goed.

Herfst: warme & kruidige geuren

  • Pumpkin spice (kaneel, kruidnagel, nootmuskaat, gember)
  • Sinaasappel + kaneel
  • Sandelhout + vanille
  • Appel + kruidenmix

Winter & Kerst: gezellig, warm en aromatisch

  • Dennen + sinaasappel + kaneel
  • Wintergreen + eucalyptus
  • Gingerbread (gember, kaneel, nootmuskaat)
  • Vanille + amber
  • Christmas spice blends (synthetisch)

Lente: fris & bloemig

  • Jasmijn + citroen
  • Roos + bergamot
  • Kamille + lavendel
  • Bloesemgeuren (kersenbloesem, magnolia – vaak synthetisch)

Zomer: licht & fruitig

  • Citroengras + kokos
  • Mandarijn + munt
  • Ocean breeze (synthetische geur)
  • Mango + perzik

Een geschikte mal kiezen

Om wax melts te maken heb je een vorm nodig waarin je de gesmolten was kan laten stollen.

Belangrijke aandachtspunten:

Kies geen te ingewikkelde vorm
Zeesterren en andere vormen met dunne ‘armen’ breken snel. (Ik heb het geprobeerd 😉 )
Ga eerder voor hartjes, rondjes, vierkantjes of eenvoudige bloemetjes.

Let op de grootte
Wax melts zijn klein — te grote mallen verspillen was.
Een ijsblokjesvorm vullen met ongeveer 0,5 à 1 cm was geeft een ideaal formaat.

Kies voor een flexibele mal (siliconen)
Siliconen vormen zorgen ervoor dat je wax melts makkelijk loskomen zonder dat ze breken.


Wax melts maken

Ingrediënten en materialen

  • Plantaardige was (sojawas, koolzaadwas…)
  • Etherische olie naar keuze
  • Siliconen mal
  • Kookpot + hittebestendige pot of schaal (au bain-marie)
  • Optioneel: kleurstof voor kaarsen of een stukje pastelkrijt

Werkwijze: stap-voor-stap

1. Smelt de was au bain-marie

Zorg dat de was niet te heet wordt. Plantaardige was smelt snel.

2. Voeg kleurstof toe (optioneel)

Wil je een kleurtje? Voeg dan een stukje van een pastelkrijtje of kleurstof voor kaarsen toe. Om te kijken welke kleur het uiteindelijk gaat worden, neem je er best een wit bordje bij. Laat er een druppeltje was op vallen en laat het stollen. De kleur van de gestolde druppel wordt de uiteindelijke kleur van de wax melt. Wil je een fellere kleur, doe er dan wat meer kleurstof in, wil je het lichter, voeg dan wat extra was toe.

3. Giet de was in de vormpjes

Doe dit in kleine hoeveelheden: 5–6 vormpjes per keer om voortijdige stolling te vermijden tijdens de volgende stappen.

4. Voeg de etherische olie toe

Doe dit in de vorm, niet in de pan — zo blijft de olie beter behouden omdat die niet te warm wordt én zo kan je makkelijker doseren.
Roer voorzichtig door met een tandenstoker of iets dergelijks.

5. Laat de wax melts stollen

Dit duurt enkele uren. Verplaats de mal niet te vroeg.


Ontvormen en bewaren

  • Duw de wax melts voorzichtig uit de siliconen mal. Gaat dit niet zo goed kijk dan even bij ‘Troubleshooting’ voor extra tips
  • Bewaar ze per geur in een luchtdichte pot zodat de geur optimaal blijft.
  • Laat nieuwe wax melts liefst 1–2 dagen rijpen voor de beste geurverspreiding.

Wax melts gebruiken

Plaats een wax melt in een aromabrander, steek het theelichtje aan en geniet.
Eén wax melt gaat meestal 2 à 3 geursessies mee.


De was hergebruiken

Is de geur eruit?
Gooi de was zeker niet weg — je kan ze perfect recycleren om kaarsen mee te maken.


Troubleshooting – problemen oplossen

Mijn wax melts zweten (olieparels bovenop). Wat nu?

Dit is een veelvoorkomend verschijnsel bij sojawas.
Oorzaken:

  • Te veel etherische olie
  • Te warme omgeving
  • Te hoge smelttemperatuur van de was

Oplossing:
Gebruik minder olie, smelt op lagere temperatuur en laat ze uitharden op een koelere plek.

Mijn wax melts ruiken te zwak

  • Te weinig druppels gebruikt
  • Te heet gewerkt → olie verdampt
  • Te snel gebruikt (niet voldoende gerijpt)
  • Was van lage kwaliteit
  • Olie is oud of verdund

Oplossing:
Voeg 1–2 druppels extra toe en zorg dat je de olie pas in de vorm toevoegt.

Mijn wax melts komen niet los uit de mal

  • De mal is niet flexibel genoeg
  • De was is nog niet volledig uitgehard
  • De vorm is te complex

Oplossing:
Gebruik altijd siliconen mallen en zet de vorm een paar minuten in de vriezer voor het ontmallen.

De geur vervliegt na een paar weken

Etherische olie is vluchtiger dan synthetische geuren.
Bewaar wax melts in:

  • een goed afgesloten pot
  • op een koele, donkere plek

Tot slot

Zelf wax melts maken is niet alleen een leuke en ontspannende bezigheid, het is ook een prachtige manier om je huis te vullen met geuren die helemaal bij jou passen. Of je nu kiest voor natuurlijke etherische oliën, kant-en-klare synthetische geuren of seizoenscombinaties: met een beetje experimenteren vind je al snel jouw favoriete mix. Dankzij plantaardige was, veilige tips en een goede werkwijze geniet je van wax melts die lang meegaan, mooi uit de mal komen en een heerlijke sfeer creëren in huis. Veel plezier met het maken – én vooral het gebruiken – van je eigen geurcreaties!

Bewaar voor later:

Een aromabrander met een waxinelichtje en wax melts in een houten omgeving. Een opstelling met etherische oliën en natuuraccenten.

Vind meer ideeën op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Zelf Houten Hangers Maken met Servetten

Zelf houten kersthangertjes maken? Deze eenvoudige DIY met servetten en houten schijfjes is perfect voor kinderen én volwassenen. Budgetvriendelijk, natuurlijk en ideaal als kerstdecoratie of cadeautje. Bekijk het stappenplan en laat je inspireren!

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.

Zelf Houten Hangers Maken met Servetten

DIY

Elk jaar, wanneer we de kerstboom zetten, maken we er traditiegetrouw een klein knutselmoment van. De kinderen kijken er steevast naar uit, en onze boom groeit zo langzaam uit tot een warme verzameling van herinneringen, zelfgemaakte versieringen en nieuwe vondsten. Natuurlijk hangen er bij ons ook gewoon glazen kerstballen en lichtjes in, maar juist die mix van eigen creaties en klassiekers maakt onze boom uniek.

Vorig jaar maakten we houten hangertjes met decoupage. Ze waren zo leuk geworden dat ik besloot ze dit jaar opnieuw te maken — maar dan met een twist. In onze lokale samentuin maakten ze voor de kerstmarkt namelijk een boekje over recepten met eetbare bloemen. En daar hoort natuurlijk een klein bloemetje bij! Dus ging ik opnieuw aan de slag, deze keer met bloempatronen.

Het resultaat? Sfeervolle houten kerstornamenten die er professioneel uitzien, maar toch eenvoudig genoeg zijn om samen met kinderen te maken. En vooral: ze brengen dat warme, handgemaakte gevoel weer helemaal terug in de kerstperiode.


Waarom houten hangers zo leuk zijn om te maken

Zelf kerstornamenten maken is niet alleen een creatieve bezigheid, maar ook best ontspannend. Je werkt met natuurlijke materialen, je kiest zelf je kleuren en prints, en er is echt niets moeilijk aan. En op het einde heb je iets leuks dat je boom of huis meteen gezelliger maakt.

Bovendien zijn deze houten hangers:

  • Duurzaam — geen plastic, geen afval
  • Budgetvriendelijk — je gebruikt simpele materialen
  • Uniek — elke hanger ziet er anders uit
  • Veelzijdig — perfect voor kerst, maar ook voor lenteversiering of naamlabels
  • Kindvriendelijk — ideaal door de eenvoudige techniek

En misschien het mooiste: ze worden onderdeel van je herinneringen. Elk jaar wanneer je ze weer uit de doos haalt, komt dat gezellige knutselmoment eigenlijk vanzelf terug.


Servetten als decor — makkelijk én mooi

Het geheim van deze hangers? Servetten. Je hoeft zelf geen tekenaar te zijn, want servetten bestaan in de mooiste prints: kerstmotieven, bloemen, retro, Scandinavisch, dieren, noem maar op.

Mijn dochter vindt het trouwens geweldig om wel zelf te tekenen. Zo schilderde ze eens een prachtige klaproos op een schijfje, ze gaat dan ook al enkele jaren naar de tekenschool. Ik hou het bij servetten, daar heb je niet zo veel talent en geduld voor nodig.

Tip: kies servetten met een witte achtergrond

Dit is echt een klein trucje dat een groot verschil maakt.
Witte achtergronden worden door de lijm volledig transparant, waardoor je na het drogen een perfect ogende print op hout krijgt — alsof het erop gedrukt is. Dat past mooi bij de natuurlijke uitstraling van het hout.


Welk hout gebruik je het best?

Ik werk het liefst met houten schijfjes die gezaagd zijn uit takken. Ze hebben een mooie schorsrand, zijn lekker robuust en voelen warm aan.

Ideale afmetingen:

  • doorsnede: 5 à 7 cm
  • dikte: ca. 1 cm

Deze maat is groot genoeg voor een tekening die opvalt, maar licht genoeg om in de boom te hangen.

Zelf houten schijfjes maken

Als je een boom hebt gesnoeid of een paar dikke takken liggen hebt, kun je ze perfect zelf maken.

  1. Zaag een tak met een diameter van ongeveer 5 cm in schijfjes van 1 cm dik.
  2. Schuur beide kanten licht op zodat de zaagstrepen verdwijnen.
  3. Laat de schijfjes goed drogen.

En dat laatste is echt belangrijk:
Vochtige schijfjes kunnen later gaan schimmelen, zeker als je ze na de feestdagen weer luchtdicht opbergt.

Wil je het risico vermijden? Gebruik dan gedroogd hout of koop kant-en-klare houten rondjes.


Voor elke gelegenheid

Het fijne aan deze techniek is dat je het heel makkelijk kunt aanpassen. Natuurlijk zijn kerstservetten super voor december, maar denk ook eens breder:

  • Bloemen → mooi voor lente of moederdag
  • Minimalistische patronen → voor Scandinavische decoratie
  • Vlinders en dieren → leuk in een kinderkamer
  • Vintage kerstprints → nostalgische look
  • Botanische tekeningen → tijdloos, het hele jaar door

Ze staan trouwens niet alleen leuk in de boom. Gebruik ze ook als:

  • Cadeaulabel
  • Decoratie aan een zomerse lichtslinger
  • Naamkaartje voor een feesttafel
  • Bedankje voor juf/meester
  • Sleutelhanger (met extra vernislaag)

Je kunt er echt alle kanten mee op.


Benodigdheden

  • Houten schijfjes
  • Servetten naar keuze
  • Crealijm, mod podge of verdunde behangerslijm
  • Touw, lint of juten koord
  • Schaar
  • Penseel
  • Boormachine met boortje van 3–4 mm
  • Optioneel: schilderstape
  • Optioneel: kraaltjes voor afwerking

Zo maak je de houten hangers

1. Motief kiezen en uitknippen

Knip het deel van de servet uit dat je wil gebruiken. Leg het even op het houten schijfje en knip bij zodat de randen mooi binnen de schors vallen.

Een servet bestaat uit verschillende lagen. Nu doe je de achterste lagen weg (meestal twee). Je houdt één dun bovenlaagje over.

2. Het hout lijmen

Besmeer het schijfje met een dun, egaal laagje lijm. Gebruik voldoende lijm, maar zorg dat er geen dikke klodders blijven liggen.

3. De print aanbrengen

Leg het servettenvelletje voorzichtig op het hout. Tik zachtjes aan met je vingers of penseel.
Doe daarna nog een laagje lijm over de bovenkant.

Na drogen geeft die lijmlaag een mooie glanzende finish — het lijkt alsof je de hanger vernist hebt.

4. Laten drogen

Laat het geheel een paar uur drogen.
Je zult zien dat de witte achtergrond volledig transparant wordt. De print lijkt dan echt in het hout te zitten.

5. Een gaatje boren

Als alles droog is, boor je een klein gaatje aan de bovenkant.

Tip:
Plak een stukje schilderstape op de plek waar je boort. Zo krijg je een nette rand en splintert het hout niet.

6. Afwerken

Haal er een touwtje door, knoop het vast en je hanger is klaar.

Wil je het iets luxueuzer?

  • Voeg houten kralen toe.
  • Gebruik macraméknopen.
  • Werk af met een lintje in kerstkleuren.
  • Breng een extra vernislaagje aan voor glans en extra bescherming.

Extra tips om je hangers nóg mooier te maken

  • Gebruik matte vernis als je liever een natuurlijke finish hebt.
  • Snij de servet randjes organisch voor een minder ‘afgelijnde’ print.
  • Maak themasetjes (bijv. bosdieren, bloemen, rode kerstprints).
  • Geef ze als cadeautje: een setje van 4 hangers in een kraftzakje is een perfect klein kerstgeschenk.

Klaar om aan de slag te gaan?

Deze houten hangers zijn een ideale winteractiviteit, zowel voor kinderen als volwassenen. Je maakt iets moois, het brengt rust, en je krijgt er een boom vol persoonlijke ornamenten voor terug.

Bewaar dit recept voor later:

Houten kersthanger met een bloemenmotief, opgehangen aan een kerstboom, met een groene achtergrond en tekst die zegt 'Makkelijk, Budgetvriendelijk, Gezellig'.

Ontdek meer leuke DIY projecten op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten en blogs:

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Siroop van Dennennaalden – Lekker Winters

Zelf dennennaaldensiroop maken? Deze culinaire siroop met frisse bosaroma’s wordt gemaakt via een koude extractie (cheong-methode) en is heerlijk in thee, desserts en winterse drankjes. Een bijzonder recept met wilde smaken uit het bos.

Romige Pompoensoep – Heerlijk Comfortfood

Heerlijk romige pompoensoep, met melk, om je aan te verwarmen – snel, gezond en boordevol smaak. Een heerlijk herfstig comfortfoodrecept dat iedereen lust!

Kiemgroenten en microgroenten kweken: boordevol smaak en voedingsstoffen

Ontdek hoe je zelf makkelijk kiemgroenten en microgroenten kunt kweken! Met deze stap-voor-stap uitleg kweek je het hele jaar door gezonde, smaakvolle scheutjes op je vensterbank. Van preischeuten tot fenegriek en microgroenten van broccoli of radijs – ideaal voor salades, broodjes en smoothies.

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.

Zelf een stoffen gymtasje maken – eenvoudige tutorial voor beginners

DIY

In het begin van het schooljaar is het weer alle hens aan dek om alle schoolspullen op orde te krijgen. Nieuwe boekentas, potloden, etiketten… en natuurlijk ook turn- en zwemzakjes. Is de oude turnzak van je kind versleten of spoorloos verdwenen? Geen nood: in ongeveer een half uurtje naai je een gloednieuw gymtasje. Perfect als beginnersproject, leuk om te maken en helemaal aan te passen aan de smaak van je kind.

Alles wat je nodig hebt is een lapje stof, wat koord of biaisband en een naaimachine (al kan het met de hand, maar dan duurt het iets langer 😉). Een stofje met een vrolijke print maakt van zo’n simpel tasje meteen iets unieks!

Wat heb je nodig om een turnzak te maken?

  • Twee lapjes stof van 35 × 45 cm
  • Ongeveer 2,5 meter koord of biaisband
  • Bijpassend of contrasterend garen
  • Veiligheidsspeld
  • Naaimachine
  • Strijkijzer
  • Optioneel: stofschaar, spelden, tornmesje

Welke stof kies je het best?

Voor een gymtasje gebruik je best katoen of een andere stevige, niet-rekbare stof. Dat werkt makkelijk en blijft mooi in vorm.

Kies vooral iets leuks en kleurrijks — zo herkent je kind zijn of haar tasje meteen tussen alle andere zakjes op school!

Duurzame & budgetvriendelijke tips

  • Kijk eens in je kleerkast of er kledingstukken zijn die je niet meer draagt, maar waarvan de stof nog perfect bruikbaar is. Een oude rok of overhemd krijgt zo een tweede leven.
  • De kringwinkel en rommelmarkten zijn goudmijnen voor unieke stoffen. Vaak koop je voor een paar euro een kledingstuk met een prachtige print.
  • Vermijd stoffen met heel veel wit. Turnzakjes voor op school blijven vaak proper, maar een zwemtasje wordt sneller vuil. Op de grond, naast boekentassen… witte stof wordt dan al snel een grauwe, grijze waas.

Aan de slag! Stap-voor-stap uitleg

1. Stof knippen en voorbereiden

Strijk de stof goed (dat werkt preciezer) en knip twee rechthoeken van 35 × 45 cm.
Leg ze op elkaar met de goede kanten naar binnen.

2. De zij- en onderkant naaien

Naai:

  • één korte zijde volledig dicht
  • beide lange zijdes, maar:
    • laat onderaan aan elke zijkant 1 cm open
    • laat bovenaan aan de niet-genaaide korte zijde 5 cm open

Zo krijg je een zakvorm die bovenaan niet volledig gesloten is, én twee kleine openingen onderaan voor de koord.

3. De bovenranden afwerken

De 5 cm die je open liet, werk je nu netjes af door:

  1. Een halve centimeter om te plooien
  2. Vast te naaien

Herhaal dit vier keer (aan beide kanten van de bovenrand).

4. Tunnel voor het koord maken

Plooi vervolgens de volledige bovenkant 2,5 cm naar binnen om een tunnel te vormen.
Naai helemaal rondom. Hier komt straks het koord in.


Het koord maken of kiezen

Je kunt een kant-en-klaar koord gebruiken — snel en makkelijk.
Maar vind je geen mooi kleurtje? Dan maak je er zelf eentje met biaisband: dubbelvouwen en langs de rand dichtstikken, en klaar!

Koord verdelen

Nu gaan we het koord verdelen. Snij twee keer 10 cm af. Hiermee maken we lusjes onderaan het zakje. De rest van het koord verdeel je in twee gelijke stukken.

Op de foto kan je zien hoe de touwtjes moeten komen. De korte stukjes onderaan en de lange stukken gaan helemaal door beide tunnels om dan terug uit te komen aan de kant waar je begonnen bent. Daarna samenbinden door het lusje. Verder in de beschrijving wordt het allemaal duidelijk!


De lusjes vastmaken

Aan de onderhoeken liet je bewust 1 cm open. Hier bevestig je de korte koordjes:

  1. Plooi elk stukje koord dubbel.
  2. Speld het in de hoekopening.
  3. Naai stevig vast — dit moet tegen wat gewicht kunnen.

Doe dit aan beide kanten.

Foto 1: Zo naai je het (binnenste buiten)
Foto 2: Zo ziet het eruit wanneer je het terug goed plooit


Het lange koord in de tunnels rijgen

  1. Neem het eerste lange stuk koord.
  2. Gebruik een veiligheidsspeld om het door beide tunnels te schuiven.
  3. Laat de uiteinden terug aan dezelfde kant uitkomen.
  4. Haal één uiteinde door het lusje, maak onderaan een stevige knoop.

Herhaal dit met het tweede stuk koord aan de andere kant.

Nu kun je door aan de koorden te trekken het tasje openen en sluiten — en kan je kind het als rugzakje dragen!


Klaar! Je zelfgemaakte turnzak

En dat was het: in een halfuurtje tover je een paar lapjes stof om tot een praktische, vrolijke gymtas. Perfect voor school, sport, zwemles, logeerpartijtjes of zelfs om cadeautjes in te verpakken.


Extra tips & ideetjes

  • Strijk het koord lichtjes voor een netter resultaat.
  • Voeg een naamlabel toe, of naai er een klein zakje voorop voor sleutels of zwembadkaart.
  • Combineer twee verschillende stofjes voor een patchwork-effect.
  • Maak meteen een paar extra tassen — ideaal als cadeautje!

Bewaar dit recept voor later:

Ontdek meer leuke DIY projecten op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Gekonfijte gember: zoet, pittig en verwarmend

Maak zelf gekonfijte gember met slechts drie ingrediënten. Zoet, pittig en verwarmend – perfect om te snoepen, bij thee te serveren of cadeau te geven. Inclusief tips om de siroop te gebruiken en serveerideeën voor elk moment.

Zoetzure pompoen met mosterdzaadjes

Een verrassend herfstgerecht: zoetzure pompoen met mosterdzaadjes. Zacht, kruidig en fris tegelijk – heerlijk bij stoofpotjes of wild!

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.

Zelf vloeibaar wasmiddel maken

DIY

Zelf wasmiddel maken is een snelle manier om geld te besparen op je huishoudbudget. Het is eenvoudig en je hebt slechts twee dingen nodig! Een blok zeep, die koop je voor enkele euro’s in de winkel, en water, dat komt gewoon uit de kraan.

Drie jaar geleden maakte ik voor het eerst zelf vloeibaar wasmiddel, en ik ben er sindsdien niet meer mee gestopt. Ik doe het in de eerste plaats uit ecologisch oogpunt. Vloeibaar wasmiddel bestaat namelijk hoofdzakelijk uit water. En dat komt evengoed uit de kraan. Dus zeep in vaste vorm kopen en zelf vloeibaar maken, leek me dus zo gek nog niet.

Goedkoop wassen met zelfgemaakt wasmiddel

Economisch was dit ook een leuke meevaller. Met een blok zeep van 150 gram, maak je zo’n 7 liter wasmiddel, goed voor meer dan 90 wasbeurten. Mijn favoriete zeep kost 3 euro, maar goedkoper vind je er zeker ook. Dat maakt dan 0.033 euro per wasbeurt. De kost van het water en elektriciteit zitten hier niet bij in, maar voor 8 liter water en minder dan 10 minuten kooktijd, zou dat moeten meevallen.

Als je dit dus vergelijkt met het wasmiddel van de winkel, zelfs de goedkope merken, dan is dit dus sowieso een interessante besparing.

Wast het je kleren weer schoon?

De meeste vlekken komen er met dit wasmiddel weer uit. Maar ik heb drie kinderen en die spelen het ook wel eens klaar om vlekken te maken die er niet meer uit gaan, maar die gaan er met het wasmiddel van de winkel wellicht ook niet uit. Dan gebruik ik een ontvlekker die ik maak van natriumbicarbonaat en zuurstofwater.

Voor witte was kan je ook natriumbicarbonaat toevoegen aan de was, zo wordt die niet grauw.

Wat bij hard water?

Hard water is water waar veel calcium in zit. Er wordt dan meestal aangeraden om wat meer wasmiddel te gebruiken en vervolgens wasverzachter.

Je kan een half dopje extra wasmiddel toevoegen, maar pas ook zeker op dat je niet te veel wasmiddel gebruikt. Want ook dat is niet goed voor je machine! Wasverzachter kan je prima vervangen door een flinke scheut natuurazijn.

Wat heb je nodig om vloeibaar wasmiddel te maken?

  • 150 gram zeep, in vaste vorm, korrels mag ook
  • 8 liter water
  • Een kookpot met een inhoud van 10 liter
  • Een staafmixer

Aan de slag

Rasp de zeep met een grove rasp.

Doe de geraspte zeep samen met 1 liter water in de kookpot. Breng aan de kook en laat de zeep smelten.

Wanneer alle zeep gesmolten is voeg je de overige 7 liter toe. Warm het geheel weer op en roer geregeld. Hierdoor mengen de zeep en het water zich tot één geheel.

Nu moet het wasmiddel afkoelen. Zet de kookpot op een koele plaats. Ik zet hem altijd een nachtje buiten. Zet er dan wel een deksel op zodat er geen blaadjes of zand in komt waaien.

Na een nachtje afkoelen heeft zich een dikke gel gevormd. Die ga je nu mixen. Het is belangrijk om lang genoeg te blijven mixen, zodat alle klonters weg zijn.

Heb je het gevoel dat je wasmiddel echt te dik is, dan kan je nu nog wat extra water toevoegen.

Na het mixen giet je het wasmiddel in flessen en is het klaar voor gebruik. Je kan hiervoor lege flessen van je vroegere vloeibaar wasmiddel voor gebruiken.

Help! Mijn zelfgemaakte wasmiddel blijft niet vloeibaar!

Het kan gebeuren dat je vloeibare wasmiddel, toch niet vloeibaar blijft. Het lijkt dan samen te klonteren tot één blubberige massa, en dat doseert niet makkelijk.

Als dit gebeurt dan heb je te weinig water gebruikt of niet goed gemixt. Ik heb het in het begin ook een paar keer voorgehad, maar gelukkig is het eenvoudig op te lossen. Giet je wasmiddel in een grote pot, voeg wat extra water toe en nog eens goed door. Giet het daarna opnieuw in de fles. Let op, je hebt nu wel meer! Maar dat is niet zo erg, toch?

Bewaar dit recept voor later:

Ontdek meer leuke DIY projecten op onze DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van alle nieuwe recepten en blogs:

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Deze kersenpittenzakjes (kersenpittenkussens) houden de kinderen warm in de winter

Maak zelf een kersenpitkussen om je warm te houden

DIY

Wanneer de nachten wat frisser zijn is het heerlijk als je een lekker warm kersenpittenzakje mee naar bed kan nemen. Zo warmt je bed sneller op en kan je makkelijker inslapen. Ik vind een kersenpitkussen ook aangenamer dan een warmwaterkruik. Het is lekker zacht en er is geen risico op lekken.

Vorig jaar maakte ik er één voor ieder lid van ons gezin. Intussen hebben de kleinsten door een ongelukje hier en daar al een ‘gerecycleerde’ versie. De pitten waste ik in heet water en natriumbicarbonaat, drie spoelbeurten leek me voldoende, en ze mochten een nieuw stofje kiezen. De werkwijze van legde ik ditmaal vast met foto’s en filmpjes.

Zelf een kersenpitkussen maken is een ideaal beginnersproject. Het vraagt weinig ervaring en het is zo klaar!


Welke stoffen zijn geschikt om een kersenpitkussen te maken?

Canvasstoffen zijn wat dikker en steviger en behouden dus het best hun vorm. Er zit namelijk één kilo kersenpitten in zo’n zakje, dus je stof kan een beetje gaan uitleuren. Bij canvasstoffen heb ik hier tot nog toe nog geen last van gehad. Tetrastof is zeker af te raden omdat deze echt wel zijn vorm verliest. Gewoon katoen kan, mits het stevig genoeg is.

Een dikke flannellen stof, een restant van een gescheurde pyjamabroek, heeft hier ook al dienst gedaan, en met succes! Er zijn ook hele leuke Mexicaanse en Afrikaanse doeken op de markt. Zo heb ik enkele jaren geleden enkele mooie Mexicaanse doeken op de kop kunnen tikken voor een prikje.


Wat heb je nodig om een kersenpitkussen te maken?

  • Canvasstof (2 stukken van 25 cm * 30 cm)
  • 1 kg kersenpitten
  • Bijpassend garen (het garen is normaal niet echt zichtbaar
  • een naaimachine
  • een naald, het laatste stukje word met de hand toegenaaid

Aan de slag!

Instructievideo: Hier kan je de stappen volgen om een kersenpitkussen te maken. De stap voor stap uitleg kan je onder het filmpje vinden.


Kersenpitten wassen

Gebruik je kersenpitten uit een oud zakje, of die je bijeengepsaard hebt door héél véél kersen te eten, dan is het belangrijk dat de kersen eerst goed gewassen worden. Gebruik je nieuwe kersenpitten dan kan je meteen doorgaan naar de volgende stap

Doe ze in een grote pot met heet water en strooi er flink wat natriumbicarbonaat op. Roer goed om en laat even trekken. Je zal zien dat je water al snel behoorlijk vuil wordt. Herhaal dit nog enkele keren, tot het water nagenoeg proper blijft. Bij kersenpitten uit een oud kersenpittenzakje, is drie keer wel voldoende.

Voordat je de pitten kan gebruiken moeten ze weer droog zijn. Zet ze in een oven van 100 graden tot ze droog zijn. Roer de kersenpitten geregeld om en zet de ovendeur af en toe open zodat het vocht kan ontsnappen. Je kan de pitten ook aan de lucht laten drogen, maar dit kan dan wel enkele dagen duren.


Het zakje maken

Knip de stof op maat. Voor een zakje met 1 kilo pitten gebruik ik twee lappen stof van 25 cm * 30 cm

Leg de rechthoeken met de goede kant op elkaar en naai rondom rond, maar laat 5 cm open. Deze spatie is nodig om zo meteen het zakje te vullen. Laat 1.5 marge aan de zijkanten. Canvasstof heeft al eens de neiging om wat uit te rafelen. Door genoeg marge te laten bij het naaien, voorkom je dat je kersenpitkussen stuk gaat.

Heb je een stof die heel fel uitrafelt? Dan kan het helpen om naast je rechte steek ook nog een zigzagsteek te naaien.

Draai het zakje vervolgens binnenstebuiten, zodat de goede kant van de stof weer aan de buitenkant zit en duw de hoeken wat uit. Dit kan met een potlood een ander lang voorwerp.

Vul het zakje met de kersenpitten. Maak eventueel een soort trechter van een papiertje of een wc-rolletje. Dat vergemakkelijkt het werk.


Het kersenpittenzakje toenaaien

Dit is meteen ook het meest technische deel van dit projectje. Iets toenaaien is uiteraard niet zo moeilijk, maar we gaan dit doen zonder dat het zichtbaar is. Deze steek wordt ook wel slipsteek of dwarssteek genoemd. Bekijk de tutorial video om te zien hoe dit in zijn werk gaat.

Hierna is je kersenpitkussen klaar voor gebruik!


Kersenpitkussen opwarmen

een kersenpitkussen warm je op in de microgolfoven. Sprenkel er eest wat water op. Doe dit door je hand even onder de kraan te houden en dan de druppels op het kussen te sprenkelen of je hand even over het kussen te wrijven. Dit is belangrijk omdat er altijd een beetje vocht moet zijn in een microgolfoven om deze veilig te kunnen gebruiken.

Bij het opwarmen op 700 W kan je het kussen 2 minuten insteken. Staat je microgolfoven ingesteld op 1000 W, ga dan voor anderhalve minuut. Heb je een kleiner kussen, met minder pitten, dan moet je deze tijden wat inkorten. De opwarmingstijd hangt namelijk af van het gewicht van je kersenpitkussen.

Het is belangrijk dat je de instructies voor het opwarmen goed volgt. Wanneer het kersenpitkussen te lang in de microgolfoven wordt opgewarmd kunnen namelijk de kersenpitten verbranden. Dit ruikt eerst en vooral niet zo aangenaam, maar het kan ook echt een brandje veroorzaken. Een te heet kersenpitkussen kan ook brandwonden veroorzaken. Hou je dus best aan de verwarmingsinstructies.


Etherische olieën voor extra ontspanning

Wil je je kersenpitkussen nóg ontspannender maken? Voeg dan een paar druppels etherische olie toe nadat het kussen is opgewarmd. De warmte helpt de geur langzaam te verspreiden, waardoor je een rustgevende aromatherapie-ervaring krijgt. Vooral lavendelolie is ideaal: het staat bekend om zijn kalmerende werking en helpt lichaam en geest tot rust te komen. Maar ook damastroos is een prachtige keuze — een zachte, bloemige geur die meteen een gevoel van luxe en welbehagen geeft en heerlijk is om bij weg te dommelen.

Je kunt ook variëren met andere etherische oliën, afhankelijk van het moment van de dag. Kamille werkt verzachtend en bevordert de slaap, terwijl eucalyptus of pepermuntolie juist verfrissend is en kan helpen bij verstopte sinussen. Gebruik altijd maar een paar druppels tegelijk (2 tot 3 is genoeg) en breng de olie aan op de buitenkant van de hoes.

Geniet van de warmte van je kersenpittenkussen!

Bewaar dit recept voor later:

Ontdek meer leuke DIY projecten op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Zelf druivenjam maken: zo doe je het stap voor stap

Maak zelf druivenjam met dit makkelijke recept! Rode, blauwe of witte druiven – allemaal even lekker. Minder suiker, volle smaak en een prachtige kleur. Heerlijk bij brood, yoghurt of kaas.

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.

Kweek je eigen avocadoplant

Avocado: Van pit tot plant – zo kweek je je eigen kamerplant

DIY

Wil je graag een avocadoplant in huis? Of heb je gewoon zin in een leuk, groen experiment op de vensterbank? Dan is een avocadopit laten uitgroeien tot een echte plant een perfect DIY-project.

Avocado’s zijn niet alleen heerlijk om te eten, ze zijn ook ideaal om mee te experimenteren. Elke pit die je normaal weggooit, kan uitgroeien tot een prachtige kamerplant met grote, glanzende bladeren. Je hebt er geen dure materialen voor nodig, enkel een beetje geduld en regelmaat.

Eet je graag avocado’s? Dan heb je automatisch ook het perfecte startmateriaal in huis.


Hoe kweek je een avocadoplant uit een pit?

Nadat je de pit uit de avocado hebt gehaald, is de eerste stap het schoonmaken. Spoel de pit voorzichtig af onder lauwwarm water zodat alle vruchtvleesresten verwijderd zijn. Dit verkleint de kans op schimmel.


De tandenstoker-methode

Steek daarna drie of vier tandenstokers in de zijkanten van de pit. Zo kun je de pit bovenop een glas water laten zweven, waarbij de onderkant net in het water hangt. Het platte, bredere deel hoort onderaan, de punt wijst omhoog.

Je kunt ook speciale kiemhouders of glazen schaaltjes kopen voor dit doel, maar een gewoon glas werkt perfect.


Geduld is de sleutel

Nu komt het spannendste gedeelte: wachten.

Het kan twee tot zes weken duren voordat de pit begint te ontkiemen. Eerst zal de pit langzaam opensplijten. Even later verschijnt de eerste wortelpunt. Als dat gebeurt, gaat het vaak verrassend snel: de wortel groeit soms wel een centimeter per dag.

Zodra de hoofdwortel ongeveer tien centimeter lang is en er zijworteltjes ontstaan, begint de stengel te groeien. Die groeit recht omhoog en vormt na verloop van tijd grote, ovale bladeren.

Soms heb je geluk en ontstaan er twee stengels in plaats van één. Maar soms loopt het ook mis: bepaalde pitten vormen wel een wortel maar geen stevige stengel. Dat is helemaal normaal en hoort bij het proces.


Wil je een vollere plant?

Als je liever geen lange, kale stengel wilt, kun je de plant later toppen. Dat betekent dat je de bovenste blaadjes voorzichtig uitknijpt. Hierdoor vertakt de plant zich en krijg je meer zijtakken.

Dit kun je doen zodra de plant ongeveer 20–30 cm hoog is.


Tijd om te verplanten: van water naar potgrond

Zodra je pit een stevige wortel en zichtbare stengel heeft, mag hij verhuizen naar een pot met aarde.

Gebruik:

  • Luchtige potgrond voor kamerplanten
  • Een pot met drainagegaten onderin

Plant de pit zo dat de bovenste helft nog net zichtbaar is boven de aarde. Geef water, maar voorkom dat de potgrond constant nat blijft.

Zet de plant op een plek met veel licht, maar liever geen felle middagzon achter glas.


Een avocadoplant is niet moeilijk, maar ze heeft wel wat regelmaat nodig:

Water geven
De grond mag licht opdrogen tussen de gietbeurten. Te natte grond kan wortelrot veroorzaken.

Plantenvoeding
Geef ongeveer één keer per maand wat vloeibare kamerplantenvoeding tijdens de groeiperiode (lente en zomer). Dit helpt de plant om grote, mooie bladeren te behouden.

Luchtvochtigheid
Avocado’s houden van een licht vochtige lucht. Zeker in de winter kan af en toe benevelen helpen tegen bruine bladpunten.

Mag je avocadoplant naar buiten?

Ja, dat mag – en ze vindt het heerlijk.

Na de IJsheiligen (rond midden mei) kun je je avocadoplant naar buiten verhuizen, bijvoorbeeld op het terras of balkon. Laat de plant langzaam wennen aan direct zonlicht om bladverbranding te voorkomen.

Let op:

  • Zorg dat regenwater goed uit de pot kan lopen
  • Zet haar niet meteen in felle middagzon

Wanneer de temperatuur onder de 5°C dreigt te zakken, moet de plant weer naar binnen verhuizen naar een lichte, warme plek.


Avocado’s groeien soms vanzelf

Soms hoef je helemaal niet zo veel moeite te doen. Zo groeide er bij mij vorige herfst spontaan een avocadoplant op de composthoop. Waarschijnlijk was daar ooit een pit terechtgekomen die precies de juiste omstandigheden vond.

Ik hoefde haar enkel voorzichtig uit te graven, in een ruime pot te zetten en een zonnig plekje aan het raam te geven. Ze groeit nog altijd vrolijk verder.


Andere fruitpitten die je als kamerplant kunt kweken

Als je het leuk vindt om te experimenteren met pitten, dan is avocado zeker niet de enige optie.

Mango

Een mangopit is perfect voor een tropische kamerplant. Haal de harde schil open en gebruik enkel de boon binnenin. Leg deze in vochtige potgrond op een warme plek. Na enkele weken verschijnt meestal een prachtige, stevige scheut met smalle, glanzende bladeren.

Lychee

Lychee-pitten ontkiemen vrij snel als je ze vers plant. Ze houden van warmte en licht vochtige grond. Ze vormen mooie, frisgroene bladeren.

Citroen en sinaasappel

Ook citrusvruchten zoals citroen en sinaasappel zijn heel geschikt als kamerplant. De pitten kiemen gemakkelijk in potgrond en geven al snel een klein boompje met heerlijk geurend blad.

Dadels

Zelfs dadelpitten kun je laten kiemen. Week ze eerst enkele dagen in warm water. Ze groeien traag, maar de plant heeft een mooie, palmachtige uitstraling.


Veelgestelde vragen over avocadoplanten

Hoe lang duurt het voordat een avocadopit ontkiemt?
Gemiddeld 2 tot 6 weken, soms zelfs langer.

Kan een avocadoplant ooit vruchten dragen?
In huis is de kans klein. Ze hebben veel zon, warmte en bestuiving nodig. Als kamerplant worden ze vooral gekweekt om hun mooie bladeren.

Waarom worden de bladeren bruin aan de punten?
Vaak door droge lucht, te weinig water of juist té natte wortels.


Tot slot

Het kweken van een avocadoplant uit een pit is eenvoudig, leuk en een beetje verslavend. Wat begint als keukenafval, kan eindigen als een mooie groene kamerplant waar je maanden – zelfs jaren – plezier van hebt.

En wie weet… misschien groeit de volgende wel vanzelf op jouw composthoop.

Veel plezier met het kweken van je eigen avocadoplant!

Bewaar voor later:

Afbeelding van een avocadopit die wordt opgekweekt in water met tandenstokers, met een jonge avocadoplant in een glazen houder.

Vind meer ideeën op de DIY-pagina!

Blijf op de hoogte van nieuwe recepten

Krijg als eerste onze nieuwste seizoensrecepten, bewaartips en DIY-ideeën rechtstreeks in je mailbox. Schrijf je in op de nieuwsbrief en laat je inspireren om meer uit je tuin en keuken te halen.

Subscriber NL

Deze berichten vind je misschien ook leuk:

Zelfgemaakte Appelsiroop: Lekker zoet en fris

Maak zelf heerlijke appelsiroop van verse appels! Perfect bij pannenkoeken, ijs of als basis voor een verfrissend drankje. Eenvoudig recept met tips voor variaties en bewaren.

Appels inmaken & bewaren: 10 heerlijke recepten voor je voorraadkast

Ontdek 10 heerlijke manieren om appels te bewaren voor je voorraadkast! Van appelgelei en jam tot gedroogde appeltjes, sap uit de ontsapper en zelfs appelcake wecken. Perfect om je oogst of valappels te verwerken en nog maandenlang van de smaak van verse appels te genieten.

Something went wrong. Please refresh the page and/or try again.