Yoghurt is een geliefd onderdeel van ons dagelijkse eetpatroon. Of het nu gaat om een gezond ontbijt met granola, een voedzame snack of als basis voor een saus – yoghurt is veelzijdig, smaakvol en gemakkelijk te combineren. In plaats van steeds kant-en-klare potjes te kopen, maken we tegenwoordig onze eigen yoghurt. Dat scheelt niet alleen geld, maar geeft ook de vrijheid om te experimenteren met verschillende smaken en texturen. Het beste van alles? Je hebt er geen yoghurtmaker voor nodig! In deze blog deel ik hoe je thuis zelf yoghurt kunt maken, met of zonder speciale fermenten, en geef ik tips voor de perfecte zelfgemaakte yoghurt.
Er zijn twee verschillende manieren om yoghurt te maken. Je kan starten van een levende yoghurt, die je in de supermarkt koopt. Dit is een laagdrempelige manier om te beginnen met yoghurt maken. Maar je kan ook yoghurtfermenten kopen. Het voordeel van yoghurtfermenten is dat er een heel gamma aan smaken en texturen is, en je hier heerlijk mee kan gaan experimenteren.

Yoghurtfermenten
Initieel kweekte ik met yoghurt die ik kocht in de supermarkt. Enkele lepeltjes oplossen in lauwwarme melk een nacht laten fermenteren en daarna laten opstijven in de koelkast. Het smaakte naar yoghurt, maar het was toch niet helemaal wat het moet zijn. Hij was niet zo stevig en ik ben nogal een ’textuur’-persoon.
Niet iedere yoghurt uit de supermarkt voldoende levende bacteriën bevat om mee verder te kweken. Komt daarbij dat je niet met alle culturen eindeloos door kan kweken en er dus na verloop van tijd verzwakking optreedt. Ik kocht dus mogelijk gewoon het verkeerde merk of de verkeerde pot en probeer het later misschien nog wel eens met een andere
Na wat zoeken heb ik online yoghurtfermenten gevonden waarmee je 20 keer kan doorkweken. Er bestaan er ook waarmee je langer kan doorkweken, heirloom culturen, maar die kon ik niet vinden, en 20 keer is ook al heel wat. Als je elke 5 dagen een nieuwe yoghurtkweek opzet, kan je er zo’n 100 dagen mee verder..
Wat doet een yoghurtmaker?
Een yoghurtmaker zorgt gewoon voor een omgeving met een constante temperatuur. Meestal rond de 40 graden, een temperatuur waarbij de yoghurtbacteriën zich snel vermenigvuldigen. De meeste ovens kan je tegenwoordig ook instellen op zulke lage temperaturen, maar doordat een oven minder compact is, zal die voor kleine hoeveelheden yoghurt relatief veel elektriciteit verbruiken.
Yoghurt maken op kamertemperatuur
Het maken van yoghurt op kamertemperatuur is de traditionele manier. Vroeger werd een pot simpelweg op een warme plek in huis gezet, bijvoorbeeld dicht bij de kachel. Dit werkte prima, zonder de noodzaak voor moderne apparaten. Ik houd er dan ook van om het zo eenvoudig mogelijk te houden en geen extra apparaten in huis te halen.
Om mijn fermentatieproces toch wat ondersteuning te bieden, legde ik een warmwaterkruik naast de pot, en dat werkte prima! In de winter wil ik proberen mijn pot op een geschikte afstand van de verwarmingsketel of kachel te zetten.
Het verschil in structuur
Het grootste verschil tussen yoghurt uit een yoghurtmachine en yoghurt die op kamertemperatuur fermenteert, is de structuur. Yoghurt die zonder constante verwarming wordt gemaakt, is vaak iets minder stevig. Dit kun je oplossen door geschikte fermenten te kiezen of de fermentatietijd iets te verlengen. Sommige culturen gedijen beter bij koelere temperaturen.
De yoghurt warm houden
Om mijn nieuwe kweek, met de yoghurtfermenten, wel alle goede kansen te geven, heb ik er toch maar een warmwaterkruik bij gelegd en dat ging prima! Maar ik probeer het binnenkort zeker en vast ook eens zonder. Heb je een verwarmingsketel of een kachel in huis, dan kan het op een bepaalde afstand daarvan ook de ideale temperatuur hebben om je yoghurt te laten fermenteren, dat probeer ik in de winter zeker ook eens.

Er bestaan ook yoghurt fermenten beschikbaar die fermenteren (yoghurt maken) op kamertemperatuur.
Hoe maak je yoghurt?
De eerste keer dat je zelf yoghurt maakt kan je yoghurtfermenten gebruiken. Dat is een zakje met een poeder dat je koopt in een winkel of webshop. Je kan ook beginnen met een yoghurt uit de supermarkt. De meeste yoghurts bevatten in meer of mindere mate levende culturen. Wanneer er veel (voldoende) levende bacteriën in de yoghurt zitten dan staat er op de verpakking ‘met levende fermenten’. Als je dat kan terugvinden, meestal bij de ingrediëntenlijst, dan is deze yoghurt te gebruiken om een paar keer verder mee kweken. Na een aantal keer zal je wel een nieuwe pot yoghurt moeten kopen als starter.
Koop je een zakje yoghurtfermenten dan moet je ook goed kijken wat er op de verpakking staat. Je hebt fermenten waarmee je nog 2 à 3 keer kan doorkweken, maar je hebt er ook waarmee het 20 keer of meer kan. De zogenoemde ‘heirloom’ culturen.
Wat heb je nodig?
- yoghurtfermenten of enkele lepels levende yoghurt
- 1 liter melk
- een kookpot, een maatbeker van 1 liter en iets om te roeren
- potten die je goed kan afsluiten
- Eventueel een yoghurtmaker of thermosfles.
Yoghurt maken met fermenten
Wanneer je begint met een zakje fermenten dan is er meestal wel een gebruiksaanwijzing bijgeleverd, maar de werkwijze is doorgaans dezelfde.
Warm 1 liter melk op tot 45°C en spoel intussen je potten of thermos met warm water, zodat de yoghurt niet direct afkoelt wanneer je ze erin giet.
Doe de yoghurtfermenten in een maatbeker van 1 liter en doe er enkele lepels melk bij. Roer eens goed door. Giet er vervolgens de rest van de melk bij.
Giet dan het melkmengsel in je voorverwarmde potten en sluit deze goed af.
Wanneer je een yoghurtmaker hebt dan stel je die in op de juiste temperatuur en plaats je de potten hierin voor 6 à 8 uur. Heb je geen yoghurtmaker dan kan je een thermos gebruiken, of je zet de potten op een warme plaats. Let erop dat je de potten niet op een trillend oppervlak zet zoals een verwarmingsketel. Door de trillingen zal je geen stevige yoghurt krijgen.
Je kan de yoghurt tot 24 uur laten fermenteren als je wil, maar meestal is een 8-tal uren voldoende. Wanneer je hem langer laat staan zullen de bacteriën meer lactose omzetten in melkzuur. De yoghurt is dan iets steviger, iets zuurder en bevat minder lactose. Dit laatste is vooral goed voor mensen met lactose-intolerantie.
Plaats na het fermenteren de yoghurt een 6-tal uur bovenaan in de koelkast zodat hij kan opstijven. Het is belangrijk dat de yoghurt van bij de fermentatie tot het opstijven zo weinig mogelijk wordt bewogen. Na het opstijven schep je 3 lepels yoghurt in een klein potje dat je goed kan afsluiten. Dit is je starter voor volgende keer. Je bewaart hem in een ander potje zodat het zo weinig mogelijk gestoord wordt wanneer je yoghurt uit de andere potten schept. Een starter blijft ongeveer een week goed in de koelkast, dan neemt het aantal bacteriën af.

Wil je een yoghurt met de textuur van Griekse yoghurt dan laat je de yoghurt nog enkele uren uitlekken in een zeefdoek.
Yoghurt voortkweken
Hier start je met enkele lepels ‘levende’ yoghurt in plaats van een zakje yoghurtfermenten.
De werkwijze is bijna volledig dezelfde als hierboven. Het enige verschil is dat je bij de tweede stap enkele lepels yoghurt in de maatbeker doet in plaats van de yoghurtfermenten. Je doet er dan net zoals bij de fermenten enkele lepels melk bij en roert alles goed om. Dan kan je de rest van de melk erbij doen.
Voor de verdere stappen kan je hierboven even verder lezen.
Yoghurt met fruit of confituur maken
Een laagje confituur of fruit geeft wat extra smaak een je zelfgemaakte yoghurt. Je doet dit gewoon in je potjes alvorens je er het melkmengsel in doet. Het fruit zit dus in de potjes tijdens het fermentatieproces. Voor het eten roer je de yoghurt en het fruit dan door elkaar.
Laat je inspireren door het fruit van het moment!
